Blog

okt 6, 2017

Appelboom

Als het begint te waaien, denk ik aan het bos in onze achtertuin. Het staat er niet maar het is er wel. Verstopt in de aarde tussen het wilde gras liggen eindeloos veel eikeltjes, los gewaaid, weggevlogen, klaar om te groeien en samen een bos te worden op het vierkante stukje grond achter ons huis.

Als het begint te waaien, hoor ik ze stuiteren op het dak van het schuurtje, hoor ik ze zachtjes landen op de natte grond. Het geluid van ons toekomstige bos, gekregen van de wind. Bomen alleen voor ons om tussen te verdwalen, takken om slingers aan te hangen en lampjes tussen de bladeren te schuiven, stammen om verstoppertje achter te spelen. Ons eigen bos, gewoon in de achtertuin.

Als het begint te waaien, denk ik aan dat bos. Ik kijk naar buiten naar de eenzame appelboom op het gras tussen al die weggewaaide eikels. Een kleine boom zo sterk en dapper als het meisje waarvoor we hem cadeau kregen. Het meisje dat alles al had, behalve een appelboom.

Als het niet meer waait, ruim ik de eikeltjes op. Toch maar geen bos in de achtertuin. We hebben een appelboom waar straks slingers aan de takken passen, lampjes tussen de bladeren kunnen en waar je eindeloos rondjes om heen kunt rennen. Als je lang genoeg rent, is dat bijna hetzelfde als verdwalen.

En als we geluk hebben, vallen er ooit appeltjes in het herfstgras. Appels voor de baby van toen, het meisje van straks. Eén boom maakt geen bos. Maar appeltaart is lekkerder dan eikeltaart.

1 Reactie

  1. FRits en Hansje Armbrust

    Mooi, Saar!

Laat een bericht achter