Blog

jun 27, 2011

Wonen is een werkwoord

Ramen open, de zon ligt op de vensterbank. Als ik even boodschappen doe, aait de warme lucht zachtjes mijn blote armen. Zou dit dan toch die zomer zijn? Een stille maandagochtend, weinig mail en eindelijk rust en tijd om aan het werk te gaan.

Rust en tijd, die zijn ver te zoeken deze weken. Aannemers, elektriciens, schilders, vochtmeneren, stukadoors en keukenzetters lopen overal doorheen; door mijn agenda, mijn hoofd, mijn tijd en bovenal door ons mooie, nieuwe huis. We zijn vaste klant bij de Gamma, we schuren, kitten, sauzen, schilderen en helpen mee met de vloer. Ernst werkt en probeert ondertussen ook nog papers te schrijven en tentamen te doen. Ik rijd af en aan voor de verbouwing, sta met één been in Leiden, één in Oegstgeest en één in Amsterdam en vergeet ervan over Parijs te schrijven. Pien is druk in de weer met smurfen, bakjes en Bumba, loopt al heel hard, kletst en zwaait naar iedereen en wordt elke dag meer mens. Iedereen druk dus.

Over iets meer dan twee weken verhuizen we. Daar gaan we, met z’n drie naar ons Grote-Mensen-Huis met trap, tuin en eigen voordeur. Ons huis waar we nu al niet meer weg willen, terwijl het er nog een chaos van stof, verfblikken en draden is. Maar de muren zijn al wit, de open haard is bijna droog en deze week puzzelt een heuse vakidioot onze houten vloer in elkaar. Nog maar twee weken, dan gaan we naar Huis.

https://www.saarsboekenplank.nl/het-woonboek/

0 reacties

Laat een bericht achter